Fiat Professional 2017-03-02T00:12:15+00:00

VOORRAADVOORDEEL

TOT € 11.000,-

PROFITEER VAN KORTING OP ONZE VOORRAADMODELLEN

ONTDEK ONZE PROMOTIES

ACTIES OP TE BESTELLEN MODELLEN

PROFITEER VAN ONZE ACTIES

Welkom in de wereld van Fiat Professional

HISTORIE

Al meer dan 100 jaar staan we achter de ondernemende professional

In 1903 ziet het eerste bedrijfsvoertuig van Fiat het licht: de 24 HP.Sinds dat moment heeft onze bedrijfshistorie meer dan een eeuw doorlopen. De modellen in ons aanbod werden steeds meer toegespitst op de vereisten van elk tijdperk. 

We doen hier die reis door te tijd nog eens dunnetjes over, van decennium tot decennium, om de wordings­geschiedenis en de groei van het merk te ontdekken via de ontwikkeling en het toenemende succes van onze voertuigen.

1901 – 1910

1901: Op de salon van Milaan presenteert het nieuwe merk Fabbrica Italiana Automobili Torino (F.I.A.T.) twee omnibussen en een revolutionaire aanhangwagen voor de brandweer. Zo wordt de weg geëffend voor de eerste echte Fiat vrachtwagen die twee jaar later verschijnt: de 24HP.

1903: De productie van lichte bedrijfswagens begint met deze 24 Horse Power, waarvan de naam is afgeleid van het vermogen van zijn motor, gemeten in (stoom)paardenkrachten. Compact van afmetingen – vergelijkbaar met die van hedendaagse auto’s – maar met het gebruiksnut en het laadvermogen van een echte vrachtwagen, heeft de 24HP een laadvloer van verduurzaamd hout die tot 4000 kg goederen kan dragen.
Vanwege zijn voor die tijd revolutionaire karakter moet de 24HP aan onderzoekstests onderworpen worden. Speciaal daarvoor worden drie prototypen geconstrueerd. Ze doorstaan de tests glansrijk en wel zodanig, dat het leger geïnteresseerd raakt in het nieuwe voertuig.

1906: Er wordt een kleine serie van de 24HP vervaardigd, maar op dat moment heeft zijn opvolger, de ‘zelfrijdende wagen’ 18-24HP, al veel succes en deze wordt in grote aantallen geproduceerd.

1911 – 1920

1911–1915: In deze periode begint de productie van de eerste ‘echte bedrijfswagens’.
De aanzet hiertoe wordt gegeven door de behoefte aan transport tijdens de Eerste Wereldoorlog. In deze periode is de export dan ook heel belangrijk voor het Turijnse merk. De legermachten zijn grote klanten van Fiat, dat onder meer aan de Ministeries van Oorlog van Frankrijk, Rusland, Griekenland en Groot-Brittannië lichte transportvoertuigen levert.

1911: De 1F zit het licht (waarbij F staat voor ‘furgone’, dat wil zeggen ‘bestelwagen’). Het is het eerste voertuig met bestelwagen-carrosserie. Met een cilinderinhoud van 1846 cc en een laadvermogen van 500 kg is dit wendbare voertuig, dat is afgeleid van het chassis van de personenauto TIPO 1, ideaal voor besteldiensten op de korte afstanden. Om die reden kopen de Britse Posterijen er enkele exemplaren van.

In hetzelfde jaar verschijnt de robuustere 2F, afgeleid van de TIPO 2 uit 1910. Die heeft een cilinderinhoud van 2813 cc, een vermogen van ongeveer 15 kW en een laadvermogen van 1000 kg. In de versie met huiflaadbak wordt de 2F als militair vrachtwagentje aangeboden. In die uitvoering wordt hij veel gebruikt voor het transport van manschappen en materialen. Zo wordt de 2F ook geleverd aan de Royal Navy, de Britse koninklijke marine.

1921 – 1930

1922: Na de economische crisis van 1921 volgt een opleving van de bedrijfswagensector in Italië. Deze is te danken aan een samenloop van omstandigheden: de regelgeving voor het verkeer wordt herzien (afschaffing van de verkeersbelasting en toewijzing van een kenteken per provincie) en er wordt begonnen met de aanleg – in maart 1923 – van de hoofdweg Milaan-merengebied (Comomeer en Lago Maggiore), een tweebaans verkeersader speciaal voor goederenverkeer.

1925: In reactie op de veranderende omstandigheden besluit Fiat om flink te investeren in de productie van transportvoertuigen, door het modellengamma niet alleen uit te breiden maar ook veelzijdiger te maken voor wat betreft laadvermogen, inhoud en motorisering. In deze periode ontstaat de definitie van ‘licht bedrijfsvoertuig’.

De verschillende lichte vrachtwagens, zoals de 502F, 503F505F507F en 509F, zijn het antwoord op een groeiende vraag naar gespecialiseerde voertuigen voor specifieke arbeids- en transportbehoeften (denk hierbij ook aan speciale toepassingen, zoals ambulances, brandweerwagens, postauto’s , etc.).

1928: Fiat doet nogmaals een poging om de groei van het wegvervoer te versnellen en ondersteunt de aanleg van de weg Turijn-Milaan, een verkeersader die de twee belangrijkste productiecentra van Italië met elkaar zou gaan verbinden. Bovendien wordt de SAVA (Società Anonima Vendita Autoveicoli) opgericht, die de aankoopvoorwaarden van auto’s moet versoepelen en zo de verkoop van deze vervoermiddelen moet bevorderen.

1931 – 1940

Om de kosten beheersbaar te houden en de weg naar een veelbelovende toekomst te effenen, werkt Fiat samen met andere merken in Turijn, gespecialiseerd in voertuigproductie.

1932: In dat jaar komt de Balilla Furgone op de markt, een bestelwagen gebaseerd op de kleine vrachtwagen 508. Licht, wendbaar en eenvoudig te besturen vormt de ‘pygmee’, zoals het nieuwe wagentje genoemd wordt, de goederenvariant van de beroemde Balilla-personenauto. Hij is comfortabel, zuinig, heeft een topsnelheid van 75 km/h en een laadvermogen tussen de 320 en 380 kg. Het model wordt een groot succes: in vijf jaar tijd worden er maar liefst 113.000 exemplaren van de Balilla gebouwd, waaronder veel bestelversies.
In deze periode verschijnt ook de eerste Fiat vrachtwagen met dieselmotor, die speciaal is geconstrueerd voor het goederenvervoer, de 621. Hij heeft een laadvermogen van 2250 kg, een gesloten cabine met twee portieren, ruiten die omlaag kunnen, een voorruit die een stukje open kan, een open laadbak met neerklapbare laadborden aan de zijkanten en de achterkant, plus de mogelijkheid om metalen bogen te monteren waar een weerbestendige huif overheen kan.

1934: Naast de 33 kW-benzinemotor waarmee deze vrachtwagen aanvankelijk wordt geleverd, wordt ook een viercilinder dieselmotor van 40 kW verkrijgbaar. En dat niet alleen, de succesvolle 621-serie wordt ook nog uitgebreid met versies met elektrische aandrijving, waarbij het accupakket onder de cabine zit.

1941 – 1960

In de eerste helft van de jaren ’40 daalt de productie van Fiat drastisch, zowel door de oorlog als door de bombardementen die zware schade toebrengen aan de stad Turijn en de fabrieken van Fiat en van talrijke toeleveranciers.
Fiat begrijpt dat de wederopbouw van de economie niet alleen de industrie raakt, maar ook de kleine zelfstandigen die vervoermiddelen nodig hebben voor hun koopwaar, monstercollecties en gereedschappen. Dat besef wordt in 1947 concreet gemaakt, wanneer Fiat besluit – mede vanwege het commerciële succes van het type 1100 – veel meer verschillende versies af te leiden van haar bedrijfswagens.

De Fiat 1100 ALR is één van de eerste bedrijfswagens die direct na de oorlog worden geproduceerd. Dat feit, samen met zijn uitstekende eigenschappen, maakt deze auto tot het symbool van de Italiaanse wederopbouw. Voorzien van een betrouwbare motor, extreem robuuste versnellingsbakken, en een sterk en veelzijdig chassis dat aangepast kan worden aan de meest uiteenlopende toepassingen (landbouw, industrie, personenvervoer, goederenvervoer) wordt de Fiat 1100 ALR beschouwd als de oervader van alle Fiat-bedrijfsvoertuigen die volgen.

1961 – 1970

1967: In dit jaar vernieuwt Fiat het bedrijfswagengamma. Mede naar aanleiding van de goede resultaten die het model 600 Multipla boekt, wordt de Fiat 238 geïntroduceerd, een bestelwagen op basis van de Autobianchi Primula met een motor van 1200 cc die 32 kW levert en goed is voor een topsnelheid van 105 km/h.
De 238 is tussen 1967 en 1983 in productie en meteen vanaf het begin leverbaar in verschillende uitvoeringen: als bestelwagen, pick-up, chassis-cabine, personenbus en ambulance.
Deze strategie werd doorgetrokken naar zijn opvolgers, de Fiat 242 en de Fiat Ducato.

1971 – 1980

Halverwege de jaren ’70 reorganiseert Fiat het bedrijf in verschillende sectoren: de productie van industriële voertuigen wordt afgesplitst van de personenautoproductie. In 1975 wordt voor de industriële voertuigen het merk IVECO opgericht en ontstaat daarnaast het merk Fiat Light Commercial Vehicles, dat de modellen 242, 850T, 900T en 127 Fiorino (gebouwd in Brazilië en decennialang in productie gebleven) op de markt brengt.
De Fiat 242, geproduceerd tot in 1987, domineert de markt gedurende de hele jaren zeventig. Hij is robuust en betrouwbaar, heeft een lage en regelmatig gevormde laadbak en wordt ook gebruikt voor heel specifieke toepassingen, zoals openbaar vervoer en gemengd vervoer. Bovendien is de 242 erg populair in een heel nieuwe toepassing: als camper.
Zowel in Italië als in de rest van Europa ontstaat vraag naar bestelwagens voor vervoer in de stedelijke gebieden en voor de verbindingen tussen steden. Fiat reageert hierop met de 127 Fiorino,de eerste in Italië gebouwde mini-van. Als basis dient de 127, de bestverkochte auto van Europa. Terwijl de rijeigenschappen en het comfort intact blijven, biedt de Fiorino een laadvermogen van 360 kg exclusief de bestuurder. Ten opzichte van de concurrentie heeft het model een reeks extra’s, zoals een spoiler, een cabinescheidingswand (in delen wegklapbaar) en achterdeuren die onder een hoek van 90° vastgezet kunnen worden.
Onder de noviteiten uit 1978 moet zeker de Panorama-versie van de serie 238E geteld worden, een auto met 9 zitplaatsen, ontstaan in reactie op de opkomende markt voor groepsvervoer. Bedoeld om 9 personen te vervoeren die samen op zo economisch mogelijk wijze naar hun werk of vakantieadres willen reizen, wordt deze versie in korte tijd het ideale vervoermiddel voor uiteenlopende sectoren, zoals hotels, autoverhuurbedrijven, gezelschappen en sportteams.

1981 – 1990

1981: In dat jaar begint de productie van een revolutionaire bestelbus, de Ducato x2/12. Het nieuwe model moet als licht bedrijfsvoertuig succes hebben in heel Europa. Op de Ducato x2/12 volgt de Ducato x2/30. Het doel om een verkoopsucces in heel Europa te zijn wordt niet alleen gehaald, de verwachtingen worden zelfs ruimschoots overtroffen. Dat blijkt ook wel uit het feit dat het model ruim 25 jaar later nog steeds in productie is.
In 1981 wordt ook een pick-up versie van de Fiorino ontwikkeld, als gevolg van de groeiende noodzaak om de bedrijfsvoertuigen in steeds meer varianten aan te bieden, van bestelbussen tot pick-ups.

1991 – 2000

Na de Ducato volgen in de jaren ’90 andere succesmodellen: de Scudo, de Doblò en de Van-versies van diverse personenauto’s.

1995: De Scudo komt op de markt met het doel om een nieuw bedrijfsvoertuig aan te bieden voor ondernemers die een vervoermiddel zoeken met compacte afmetingen en een flink laadvermogen, dat rijdt als een personenwagen.

2000: De Doblò, gebouwd in Turkije, wordt op de Italiaanse markt gelanceerd en in 2001 in de andere landen. Hij wordt onmiddellijk een succes.
Eveneens in 2000 wordt het pick-up concept doorontwikkeld – dat in 1981 is ontstaan in de Fiorino-reeks – met de komst van de Strada, de pick-up van de Palio-familie.

2001- heden

Fiat Professional groeit verder: in de laatste 5 jaar is het modellengamma compleet vernieuwd en zijn er nieuwe modellen aan toegevoegd.

2006 is het jaar waarin de nieuwe Ducato wordt gelanceerd, die tot op heden nog steeds het speerpunt is uit het gamma: opvallende vooruitstrevende looks, comfort en prestaties van het hoogste niveau, een nog rijkere uitrusting op het gebied van veiligheid en telecommunicatie, lagere bedrijfskosten en talrijke erkenningen in de internationale pers als beste vrijetijdsvoertuig.

In hetzelfde jaar krijgt de Doblò Cargo de prestigieuze prijs ‘International Van of the Year 2006’dankzij het onderscheidende design, de nieuwe versies met langere wielbasis, de briljante MultiJet-dieselmotoren en Natural Power-aardgasmotoren, en dankzij de toename van laadvermogen en -capaciteit.

2007: In dat jaar komt de nieuwe Scudo op de markt, een voertuig dat de eigenschappen van een personenauto (prestaties, wendbaarheid en comfort) verenigt met die van een typische bedrijfswagen (laadvermogen, makkelijke belaadbaarheid, betrouwbaarheid) en dat de sterke punten van het voorgaande model verbetert door nu ook een compleet gamma versies voor personenvervoer aan te bieden.

2008 is het jaar van de nieuwe Fiorino: dit model is bedoeld om tegemoet te komen aan de laatste nieuwe eisen van stedelijk goederenvervoer, voor wie vele uren aan boord van z’n auto verblijft of opdrachten moet uitvoeren (zoals ambachtslieden, onderhoudsmonteurs, dienstverleners of koeriers). Hij is uniek en innovatief, origineel en dynamisch vormgegeven, ruim vanbinnen, compact vanbuiten, heeft een makkelijk toegankelijke laadruimte, is uitstekend wendbaar in het verkeer en voordelig in het gebruik. Daarom krijgt hij de gerenommeerde onderscheiding ‘International Van of the Year 2009’ toegekend, een internationale erkenning voor een veilig en eenvoudig te besturen bestelauto, waarmee je kunt ‘gaan en staan waar je maar wilt’.

2010: De nieuwe Doblò Cargo maakt zijn debuut. Dit veelzijdige model is de beste in zijn klasse op het gebied van laadcapaciteit en transportmogelijkheden met bruto laadvermogens van 775 tot 1025 kg. Zijn grote kracht is de enorme laadruimte die leverbaar is met volumes van 3,4 – 4,0 en 4,2 m3. Met een NEDC-brandstofverbruik van 4,8 liter/100 km (1 op 20,8!), een actieradius van 1250 km en een CO2-emissie van 126 g/km is de 66 kW sterke 1.3 MultiJet II Euro 5-motor vriendelijk voor zowel uw portemonnee als het milieu. De nieuwe Doblò Cargo is het enige model in zijn klasse dat is uitgerust met een onafhankelijke ‘Bi-Link’ achterwielophanging. Vanwege zijn talrijke pluspunten is de nieuwe Doblò Cargo uitgeroepen tot ‘Van of the Year 2011’. Daarnaast werd de nieuwe Doblò Cargo – die thans ook in een Natural Power-version verkrijgbaar is – verkozen tot ‘Europe’s Van of the Year 2011’.

In 2010 wordt ook de vernieuwde Fiorino uitgebracht. De innovaties betreffen de motoren, het dashboard, het interieur, de lakkleuren en diverse technische details.

2011: Opnieuw een belangrijk jaar voor de Ducato door de komst van het nieuwste model. De Ducato is al meer dan dertig jaar een bestseller die vijf generaties overspant en ontelbare succesverhalen kent.
Sinds het model in 1981 verscheen, zijn er wereldwijd ruim 2,2 miljoen exemplaren van verkocht.
De nieuwe Ducato onderscheidt zich nog steeds door zijn originele design, en biedt daarnaast een compleet nieuwe serie motoren, waaronder vier nieuwe Euro 5 MultiJet-diesels met vermogens van 85 tot 130 kW. Ultramoderne motoren met een nieuw injectiesysteem dat een optimale verbranding garandeert, waardoor ze een hoog vermogen combineren met een laag brandstofverbruik en minimale emissies.
De Doblò Cargo, de ongekend succesvolle lichte bedrijfswagen die iedereen blijft verbazen, is nu ook leverbaar in de Work-Up versie, de perfecte oplossing voor alle transporttaken waarvoor een robuuste, betrouwbare en uiterst wendbare pick-up is vereist. Op maat gemaakt voor het gebruik in drukke binnensteden. Zijn bescheiden afmetingen combineert hij met een optimaal laadvermogen, zodat zelfs zware lasten moeiteloos in smalle straatjes kunnen worden afgeleverd. De laadbak, met een vloer van scheepsmultiplex, is maar liefst 2,3 meter lang en 1,82 meter breed. Het oppervlak van 4,2 vierkante meter biedt plaats aan drie europallets of 33 fruitkratten.

2012: De nieuwe Fiat Strada wordt geïntroduceerd als opvolger van het model dat al jarenlang de best verkochte lichte bedrijfswagen is in Zuid-Amerika. Met niet minder dan 127.800 verkochte exemplaren over de hele wereld was de Strada in 2011 het op één na populairste model van Fiat Professional, na de Fiat Ducato.
De nieuwe Fiat Strada-range omvat drie 3 uitrustingsniveaus – Working, Trekking en Adventure – en is leverbaar met een korte cabine of een verlengde cabine.
Daarnaast zijn de Working- en Adventure-versies nu ook leverbaar met een dubbele cabine die comfortabel plaats biedt aan vier personen en over een laadvermogen van maximaal 650 kg beschikt.